Wat is een duurzaam warmtenet? Hoe wordt het gebruikt? Welke warmtebronnen worden er gebruikt? Wat maakt een warmtenet toekomstbestendig? In deze korte introductie leest u meer over warmtenetten.
Wat is een warmtenet
Op Europees en nationaal niveau hebben we afgesproken om maatregelen te nemen om verdere klimaatverandering tegen te gaan. Dit doen we onder andere door minder CO₂ uit te stoten. Eén manier om dat te doen, is door woningen niet meer te verwarmen met aardgas. Aardgas wordt nu nog vaak gebruikt om huizen warm te houden en om water te verwarmen. Dit gebeurt meestal via een cv-ketel. Maar bij het verbranden van aardgas komt veel CO₂ vrij. Gemiddeld zorgt dit voor 12% van alle uitstoot van een huishouden.

Het principe van een warmtenet
De cv-ketel verdwijnt
In nieuwbouwwoningen worden er al sinds 2018 geen gasaansluitingen toegestaan. Ook in de bestaande bouw wordt het gebruik van aardgas uitgefaseerd. In het Klimaatakkoord is de doelstelling afgesproken om voor 2030 1,5 miljoen woningen in Nederland van het aardgas af te halen, met als einddoel om in 2050 alle gebouwen te verwarmen zonder gebruik van fossiele brandstoffen. Dit betekent dat de cv-ketel, die nog steeds door het overgrote deel van de Nederlanders wordt gebruikt om het huis en het tapwater te verwarmen, langzaamaan uit woningen en andere gebouwen zal verdwijnen.
We moeten een enorme stap maken. En daarvoor zijn zowel warmtepompen als warmtenetten essentieel, als duurzaam alternatief voor de cv-ketel. Wij gaan op deze pagina’s alleen in op het onderwerp warmtenetten. Voor informatie over warmtepompen verwijzen wij graag naar www.warmte-pompen.nl.
Een warmtenet kan in één keer heel veel huizen en bedrijfspanden duurzaam verwarmen. Net als een cv-ketel kan een warmtenet water op hoge temperatuur leveren. Daardoor kunnen ook oudere huizen, die nog niet zo goed geïsoleerd zijn, toch snel warm worden. Ook als het buiten erg koud is. Daarvoor geldt: hoe kouder het is, hoe meer energie er nodig is om een huis warm te krijgen. Daarom is het belangrijk dat we niet alleen overstappen op duurzamere manieren van verwarmen, maar ook woningen beter isoleren.
Wanneer spreken we van een warmtenet?
Een warmtenet is een netwerk van leidingen onder de grond waardoor warm water stroomt. Dit warme water stroomt naar huizen of gebouwen om ze te verwarmen en van warm tapwater te voorzien, bijvoorbeeld voor de kraan of de douche. Een warmtenet geeft altijd warmte aan meerdere huizen en/of gebouwen. Daarom wordt er over collectieve warmte gesproken.
Het voordeel van een warmtenet is dat er één of meerdere duurzame warmtebronnen gebruikt kunnen worden, zoals restwarmte uit de industrie, zonnewarmte, warmte uit oppervlakte- of afvalwater, bodemenergie of geothermie (aardwarmte). Een duurzaam warmtenet heeft als uitgangspunt om (stapsgewijs) de meest duurzame warmtebron te gebruiken die beschikbaar is.
<link naar pagina Duurzame bronnen>
Schematische weergave van een warmtenet. De rode lijnen stellen de leidingen voor waardoor het warme water naar de huizen toe stroomt. De warmte wordt afgegeven in de gebouwen en koelt daardoor af. Het afgekoelde water stroomt via de blauwe leidingen terug. Bron: Warmtenet Trendrapport, Stichting Warmtenetwerk
Op deze foto zie je warmteleidingen in de industrie, die op elkaar aangesloten zijn en met elkaar een klein stukje vormen van het warmtenet. Wanneer de montagewerkzaamheden gereed zijn wordt de sleuf weer aangevuld met zand en de bestrating teruggebracht. Foto: Nijkamp Aanneming.
Het aanleggen van warmtenetleidingen in de gebouwde omgeving, zoals in woonwijken, vindt meestal dieper onder de grond plaats, zoals te zien is op deze afbeelding. Foto: iStock
Soorten warmtenetten
Warmtenetten zijn er in verschillende soorten en maten. Zo zijn er bijvoorbeeld verschillen in temperatuur en in omvang (hoe groot het netwerk is en hoeveel woningen en gebouwen erop aangesloten zijn).
Temperatuurniveau: hoe hoog is de aanvoertemperatuur?
Warmtenetten kunnen worden ingedeeld op basis van de temperatuur van het water dat door het netwerk naar de huizen en gebouwen stroomt: de aanvoertemperatuur. Elk type heeft zijn eigen toepassing, afhankelijk van bijvoorbeeld de mate van isolatie van gebouwen en de beschikbare warmtebronnen. We onderscheiden daarin vier categorieën:
- Hogetemperatuur warmtenet (HT-net/2e generatie warmtenet): >75 °C
- Middentemperatuur warmtenet (MT-net/3e generatie warmtenet): 55-75 °C
- Lagetemperatuur warmtenet (LT-net/4e generatie warmtenet): 30-55 °C
- Zeer lagetemperatuur warmtenet (ZLT-net/5e generatie warmtenet): <30 °C
Hogetemperatuur warmtenet
Een hogetemperatuur warmtenet (HT) wordt voornamelijk toegepast in bestaande wijken met oudere, minder goed geïsoleerde woningen, die daardoor een hoge warmtebehoefte hebben. De warmte komt vaak van industriële restwarmte of verbranding van afval, of van een aardwarmtebron.
Middentemperatuur warmtenet
Een middentemperatuur warmtenet (MT) is geschikt voor redelijk geïsoleerde woningen en wordt vaak toegepast bij renovaties van woningen en gebouwen. Het gebruik van energie is efficiënter dan bij HT-netten. Hoe lager de temperatuur van een warmtenet, hoe minder warmteverlies er optreedt tijdens het transport van de warmte door de leidingen.
Lagetemperatuur warmtenet
Een lagetemperatuur warmtenet (LT) is voornamelijk toepasbaar in goed geïsoleerde huizen en wordt vaak toegepast bij nieuwbouw. Doordat de temperatuur van het warmtenet laag is, zijn er extra voorzieningen nodig om warm tapwater naar de gewenste temperatuur te brengen, zoals een warmtepomp of een buffervat. Volgens de Nederlandse regelgeving is dit vereist, om te om te voorkomen dat er legionella kan ontstaan in het warmtenet
Zeerlagetemperatuur warmtenet
Een zeerlagetemperatuur warmtenet (ZLT) levert lauwe warmte die in of vlak bij de woning lokaal wordt opgewarmd voor ruimteverwarming of warm tapwater, bijvoorbeeld met een individuele warmtepomp. De toepassing van ZLT-netten is nog in opkomst, met name in nieuwbouw- en energieneutrale wijken.
Bekijk voorbeelden warmtenetten met verschillende temperatuurregimes in de Warmteprojectentool.
Verschil in omvang: hoe groot is het netwerk?
Ook de grootte van een warmtenet kan verschillen. Dat bepaalt hoeveel gebouwen erop worden aangesloten. We hanteren in Nederland de volgende indeling:
- Mini-warmtenet: 2 – 50 aansluitingen
- Klein warmtenet: 51 – 1.500 aansluitingen
- Middelgroot warmtenet: van 1.500 – 10.000 aansluitingen
- Groot warmtenet: meer dan 10.000 aansluitingen
Mini-warmtenet
De mini-warmtenetten worden ook wel micro-warmtenetten, zeer kleinschalige warmtenetten of lokale warmtenetten genoemd. We spreken van een mini-warmtenet wanneer er tussen de 2 en 50 woningen op zijn aangesloten, bijvoorbeeld een straat, blok of pleintje. Op deze schaal nemen bewoners vaak het initiatief.
Klein warmtenet
Kleinschalige warmtenetten zijn warmtenetten op buurtniveau, ze worden daarom ook wel buurtwarmtenetten genoemd. Dit kunnen ook projecten zijn die kleinschalig beginnen, met het doel stapsgewijs door te groeien naar een groter warmtenet of daarbij aan te sluiten. In dat geval spreken we van een modulair warmtenet.
Middelgroot warmtenet
Een middelgroot warmtenet wordt toegepast voor een hele wijk of een klein stadsdeel. Denk aan een combinatie van woningen, appartementen, scholen en kantoren die samen gebruikmaken van dezelfde warmtebron of bronnenmix. Ook een middelgroot warmtenet is flexibel uitbreidbaar of aan te sluiten op een groot regionaal of modulair net.
Groot warmtenet
Grote warmtenetten leveren warmte aan een hele stad of meerdere wijken tegelijk. Met grote warmtenetten kunnen ook gebieden die over de gemeentegrenzen heen strekken, met elkaar worden verbonden. Ze hebben vaak meerdere lokale warmtebronnen (bronnenmix) en kunnen over lange afstanden warmte transporteren.
Bekijk voorbeelden van mini-, kleine, middelgrote en grote warmtenetten in de Warmteprojectentool.
Warmtenetten in de bestaande bouw
In bestaande wijken zijn woningen vaak nog minder goed geïsoleerd dan bij nieuwbouw. Daardoor is er meer warmte nodig om de binnentemperatuur comfortabel te houden. Warmtenetten in deze gebieden werken daarom meestal met een hogere temperatuur (meer dan 75 °C). Dit maakt het bijvoorbeeld ook mogelijk om bestaande radiatoren te blijven gebruiken, zonder dat er direct ingrijpende aanpassingen in de woning nodig zijn.
Bij veel renovaties is het mogelijk om met midden temperatuur warmtenetten te werken, mits de woningen voldoende zijn (of worden) geïsoleerd. Steeds vaker worden er ook lagetemperatuur, zeer lagetemperatuur en koudenetten ontwikkeld. Koudenetten werken hetzelfde als warmtenetten maar hebben als doel huizen en gebouwen te koelen.
Voor bestaande bouw is het belangrijk om per wijk goed te kijken naar de technische mogelijkheden, de staat van de woningen en de wensen van bewoners. Zo kan stap voor stap worden toegewerkt naar een aardgasvrije wijk met een toekomstbestendig warmtenet.
Deze foto laat warmteleidingen zien. Om de stalen binnenleiding zit een dikke laag isolatie zodat het warme water niet afkoelt tijdens het transport naar de woning of het gebouw. Foto: Hanab Energy Solutions
Warmtenetten in nieuwbouwwijken
Bij de bouw van nieuwbouwwijken worden de duurzame energievoorziening(en) en goede isolatie direct meegenomen. Wanneer een woning goed geïsoleerd is, zoals bij nieuwbouw (maar ook bij gerenoveerde huizen), hoeft het water niet zo heet te zijn om een huis of gebouw te kunnen verwarmen. De isolatie zorgt ervoor dat de kou buiten blijft en de warmte binnen.
Doordat de warmte goed blijft hangen in huis, lukt het ook om een kamer warm te krijgen met minder hitte. Dat scheelt veel energie. Voor nieuwbouw of geïsoleerde huizen worden daarom vaak middentemperatuur (55-75°C) of lagetemperatuur (30-55°C) warmtenetten gebruikt. Bij lage temperatuur is er voor warm tapwater een aanvullende duurzame voorziening nodig zoals een warmtepomp op de warmte in de woning naar de gewenste temperatuur te brengen, of een buffervat. In een buffervat kan warm tapwater, dat bijvoorbeeld door middel vanzonnecollectoren wordt opgewarmd, worden gebufferd. Bij zeerlagetemperatuur warmtenetten (<30 °C) met bijv. aquathermie als bron, is deze aanvullende voorziening zowel voor de verwarming als het tapwater nodig.
Voordelen warmtenetten
Collectieve warmteoplossingen, zoals warmtenetten, spelen een sleutelrol in de energietransitie. Daarbij heeft iedere woonwijk, gebied of buurt zijn eigen kenmerken, zoals gebouwdichtheid, het type bebouwing, de beschikbaarheid van duurzame warmtebronnen en het isolatieniveau van woningen en gebouwen. Daar waar een warmtenet de beste optie is, kunnen in één keer meerdere woningen of woonwijken van warmte worden voorzien.
Warmtenetten bieden veel voordelen voor eindgebruikers:
Comfort
Een warmtenet levert het hele jaar door constante en gelijkmatige warmte, zonder schommelingen in comfort. Daarmee is het een betrouwbare voorziening voor zowel verwarming als warm tapwater.
Toekomstbestendig
Warmtenetten kunnen modulair worden uitgebreid en gekoppeld aan nieuwe duurzame bronnen zodra die beschikbaar komen. Zo groeit het systeem mee met technologische ontwikkelingen en beleidsdoelen. Dit draagt op grote schaal bij aan de verduurzamingsopgave.
Zekerheid
De wet geeft afnemers van warmte een aantal belangrijke rechten. Het recht op warmte bijvoorbeeld. Mocht er in het warmtenet iets misgaan met de warmtelevering, dan hebben afnemers recht op een noodvoorziening of mogelijk zelfs schadevergoeding.
Ontzorging
Bij collectieve warmte worden aanleg, beheer en onderhoud verzorgd door professionele bedrijven. Mensen die aangesloten zijn op een warmtenet hoeven zich geen zorgen te maken over installatie, service of vervanging van apparatuur.
Ruimtebesparing in gebouwen.
Bij aansluiting op het warmtenet wordt de cv-ketel vervangen door een alfleverset. Dit is een compacte warmte-installatie die de warmte via leidingen van het warmtenet in de woning ‘aflevert’. In sommige gevallen is er tevens een boosterinstallatie nodig.
Duurzaamheid
Door collectief gebruik te maken van duurzame warmtebronnen leveren warmtenetten een belangrijke bijdrage aan de reductie van CO2-uitstoot en versnellen ze de overgang naar een klimaatneutrale gebouwde omgeving.
Vermindering netcongestie
Warmtenetten verlagen de druk op het elektriciteitsnet doordat zij warmte centraal opwekken en via leidingen distribueren. Dit is efficiënter dan individuele installaties per woning en voorkomt extra elektriciteitsvraag voor verwarming. Zo wordt het elektriciteitsnet vooral op piekmomenten ontlast en ontstaat er ruimte voor andere elektrificatie-opgaven, zoals mobiliteit en industrie.
Minder afhankelijk van het buitenland
Nederland is nu nog sterk afhankelijk van geïmporteerd aardgas en daarmee gevoelig voor internationale spanningen, handelsconflicten en verstoringen in de aanvoer. Duurzame warmtenetten bieden een alternatief doordat warmte lokaal wordt opgewekt en gedistribueerd. Hierdoor blijft de levering van warmte beter gewaarborgd.
Geschikt voor verschillende typen gebouwen
Warmtenetten zijn toepasbaar in zowel bestaande bouw als nieuwbouw, en in woningen, kantoren, zorginstellingen en op bedrijventerreinen. Deze flexibiliteit maakt ze geschikt voor brede inzet in stedelijke en regionale warmteplannen.
Veiligheid
Woningen en overige gebouwen kunnen met warmtenetten volledig aardgasvrij worden gemaakt. Het gebruik van aardgas brengt risico’s met zich mee, zoals koolstofmonoxidevergiftiging, brandgevaar en uitstoot van fijnstof. Met een warmtenet behoren deze risico’s tot het verleden.
Meer informatie
Wilt u meer weten over hoe collectieve warmte kan bijdragen aan de verduurzaming van uw wijk, gemeente of bedrijventerrein? Bekijk dan de voorbeeldprojecten, bezoek de wegwijzer of neem contact op met een van onze deelnemers.
De overstap naar een duurzaam warmtenet vraagt om samenwerking. Of u nu een gemeente, bewonerscollectief of individuele bewoner of ondernemer bent: er zijn verschillende manieren om betrokken te zijn en goed geïnformeerd te blijven. Hiervoor kunt u ook terecht bij onderstaand organisaties:
Gemeenten
Gemeenten spelen een centrale rol in de ontwikkeling van warmtenetten, onder andere via de Warmteprogramma’s. Op de website van het Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie (NPLW) vindt u actuele informatie, handreikingen en hulpmiddelen.
Bewonerscollectieven
Bent u actief in een bewonersgroep of energiecoöperatie en wilt u zelf aan de slag met collectieve warmte? Kijk dan op Energie Samen voor kennis, voorbeelden en begeleiding bij burgerinitiatieven.
Bewoners en bedrijven
Voor bewoners en ondernemers die meer willen weten over wat een warmtenet betekent voor hun woning of pand, biedt Milieu Centraal heldere, onafhankelijke informatie.
Duurzame bronnen
Steeds vaker zetten we in Nederland duurzame warmtebronnen in om gebouwen te verwarmen. Welke warmtebronnen er gebruikt worden voor een warmtenet hangt af van welke er in de buurt beschikbaar zijn of ontwikkeld kunnen worden. Voor ieder gebied is dat maatwerk. Bij een warmtenet worden vraag en aanbod altijd op elkaar afgestemd.
In principe kan elke warmtebron gebruikt worden; het maakt niet uit hoe het water voor een warmtenet opgewarmd wordt, mits de temperatuur maar hoog genoeg is en de bron duurzamer is dan aardgas. Dit betekent dat een warmtenet flexibel en toekomstbesteding is, want als de omstandigheden veranderen kan je de warmtebron aanpassen. Ook is het mogelijk om verschillende bronnen tegelijk te gebruiken, dan spreken we van een bronnenmix.
Bij een duurzaam warmtenet is het doel om steeds meer gebruik te maken van de meest duurzame bronnen, zo worden warmtenetten stapsgewijs 100% duurzaam gemaakt. Via een warmtenet kunnen we hele straten en wijken aardgasvrij maken. Hier zet Stichting Warmtenetwerk zich samen met haar deelnemers voor in, om zo de energietransitie te versnellen.
Welke duurzame bronnen zijn er?
Geothermie (aardwarmte)
Geothermie (ook wel aardwarmte genoemd) is een techniek waarbij warmte uit diepe lagen van de aarde wordt gehaald. Deze aardlagen bevinden zich op meer dan 500 meter diep. Hoe dieper de boring, hoe hoger de temperatuur van het water: per 1 kilometer stijgt de temperatuur met 30°C in Nederland. Deze warmte is constant beschikbaar en kan worden gebuikt door een speciale aardwarmteput aan te leggen. Omdat er veel warmte uit zo’n put komt, is het mogelijk om in één keer veel woningen en gebouwen van warmte te voorzien via een warmtenet.
Kijk voor meer informatie over geothermie op www.allesoveraardwarmte.nl
Infographic geothermie. Bron: Warmtenet Trendrapport, Stichting Warmtenetwerk
Bodemenergie
Bodemenergie is het gebruik van hernieuwbare warmte of koude uit de ondiepe ondergrond, tot 500 meter diep, voor het verwarmen en koelen van gebouwen. Deze techniek kan ook gebruikt worden voor seizoensopslag, waarbij warmte in de zomer kan worden opgeslagen om weer te gebruiken in de winter. En andersom: in de winter kan koude worden opgeslagen in de bodem, die in de zomer voor koeling benut kan worden. Er zijn twee typen bodemenergie:
Open bodemenergie
Het open bodemenergiesysteem (ook WKO genoemd) slaat zijn warmte en koude op in het grondwater. Het grondwater bevindt zich in een watervoerend pakket tot maximaal 500 m diepte. Door een bron te boren en ter hoogte van een watervoerend pakket filters te plaatsen, kan grondwater onttrokken en weer geïnfiltreerd worden.
Op deze manier kan in de zomer warmte opgeslagen worden in een ‘warme’ bron. In de winter kan deze warmte weer gebruikt worden voor de verwarming van gebouwen. Het warme water wordt afgegeven aan het gebouw en koelt hierdoor af. Dit afgekoelde water wordt vervolgens in een ‘koude’ bron opgeslagen, waarna het in de zomer gebruikt kan worden voor de koeling van gebouwen.
Gesloten bodemenergie
In tegenstelling tot het open bodemenergiesysteem maakt een gesloten bodemenergiesysteem niet direct gebruik van het grondwater. Een gesloten bodemenergiesysteem bestaat namelijk uit een of meerdere lussen die samen het bronsysteem vormen. Door deze bodemlussen stroomt een medium, zoals water, eventueel aangevuld met een koelvloeistof. Door middel van geleiding vindt vervolgens uitwisseling plaats van warmte en koude tussen het medium in de bodemlus en de omringende bodem.
Infographic bodemenergie. Bron: Warmtenet Trendrapport, Stichting Warmtenetwerk
Aquathermie
Aquathermie is een techniek waarbij warmte wordt gehaald uit water. Deze warmte wordt via lage- of zeerlagetemperatuurnetten naar de gebouwen gebracht. Het is dan meestal nog niet warm genoeg om direct te gebruiken. Daarom zorgt een warmtepomp ervoor dat de temperatuur verder wordt opgewarmd naar de gewenste temperatuur om gebouwen te verwarmen.
We kennen drie vormen van aquathermie:
- TEO – Thermische energie uit oppervlaktewater, bijvoorbeeld een kanaal, rivier of een meer
- TEA – Thermische energie uit afvalwater, bijvoorbeeld bij rioolwaterzuiveringsinstallaties
- TED – Thermische energie uit drinkwater, waarbij de warmte uit drinkwaterleidingen wordt onttrokken
Infographic aquathermie. Bron: Warmtenet Trendrapport, Stichting Warmtenetwerk
Restwarmte uit industrie
Restwarmte is warmte die vrijkomt bij productieprocessen en vervolgens niet wordt verspild of geloosd, maar wordt gebruikt voor het verwarmen van gebouwen en warm tapwater. Daarmee worden tegelijkertijd negatieve effecten van warmtelozing in de omgeving voorkomen.
Vanuit Europese regelgeving geldt er een strenge definitie voor restwarmte: “Onvermijdelijke warmte of koude die als bijproduct in industriële of stroomopwekkingsinstallaties of in de tertiaire sector wordt opgewekt, die ongebruikt terecht zou komen in lucht of water zonder verbinding met een stadsverwarmings- of koelingssysteem, wanneer een warmtekrachtkoppelingsproces is gebruikt of zal worden gebruikt of warmtekrachtkoppeling niet haalbaar is.” Restwarmte wordt ook wel afvalwarmte genoemd, niet te verwarren met warmte uit afvalverbranding (AVI).
Infographic restwarmte. Bron: Warmtenet Trendrapport, Stichting Warmtenetwerk
Zonthermie (zonnewarmte)
Zonthermie of zonnewarmte is warmte die wordt opgewekt met grote zonnecollectoren. Dit werkt vooral goed in de zomer, waardoor zonthermie vaak wordt gecombineerd met warmteopslag. Door overtollige zonnewarmte in de zomer op te slaan kan deze in de winter worden ingezet voor ruimteverwarming en verwarming van tapwater.
Zonthermie wordt langzaamaan steeds vaker toegepast als bron voor diverse verwarmingssystemen, van individueel tot klein collectief (appartement- of flatgebouw) tot grootschalig collectief (warmtenet op wijkniveau).
Infographic zonthermie. Bron: Warmtenet Trendrapport, Stichting Warmtenetwerk
Biomassa
Biomassa is energie die ontstaat uit verbranding van organisch materiaal, zoals hout dat vrijkomt bij het uitdunnen van bossen, snoeiafval uit plantsoenen, houtafval uit houtzagerijen, agrarische reststromen en overblijfsel van compostering. Tijdens de groei van biomassa wordt CO2 opgenomen uit de lucht en bij verbranding, vergisting of vergassing weer uitgestoten. Dit maakt de cyclus in principe CO2-neutraal.
Biomassa is ruim 70-90% klimaatvriendelijker dan aardgas. De biomassa die wordt gebruikt voor warmtevoorziening moet aan strenge duurzaamheidscriteria voldoen.
Infographic biomassa. Bron: Warmtenet Trendrapport, Stichting Warmtenetwerk
Bronnenmix
Met een warmtenet kan warmte en koeling uit verschillende bronnen worden gehaald. Dit kan ook een combinatie van bronnen zijn; dit wordt de bronnenmix genoemd. Deze mix kan bestaan uit duurzame bronnen zoals geothermie (aardwarmte), aquathermie, restwarmte, zonthermie, bio-energie en bodemenergie. Maar ook – tijdelijk – uit minder duurzame bronnen zoals aardgasgestookte installaties.
De samenstelling van de bronnenmix bepaalt in belangrijke mate:
- de duurzaamheid van het warmtenet (CO₂-reductie)
- de leveringszekerheid
- de kosten voor aanleg en exploitatie
- de geschiktheid voor bepaalde temperatuurregimes
Het Ontwikkelperspectief Duurzame Warmtebronnen (ODW) van het ministerie van Klimaat en Groene Groei schetst de verschillende warmtebronnen die beschikbaar zijn. Het laat op landelijk niveau onder meer de technieken, toepassingen, potentie en aandachtspunten van warmtebronnen zien. Het helpt gemeenten en andere partijen te verkennen hoe een bronnenmix eruit kan zien en geeft handvatten voor het zogen voor flexibiliteit, leveringszekerheid en betaalbaarheid.
De rol van opslag in duurzame warmtenetten
Om optimaal gebruik te maken van duurzame warmtebronnen, is flexibiliteit in het systeem essentieel. Energieopslag – bijvoorbeeld in de vorm van warmwaterbuffers of ondergrondse warmteopslag (zoals WKO) – maakt het mogelijk om warmte op te slaan wanneer er een overschot is, en deze op een later moment weer te kunnen benutten. Hierdoor kunnen vraag en aanbod beter op elkaar worden afgestemd, wordt piekbelasting verminderd en neemt het aandeel duurzame warmte in het net toe.









